Samenleving heeft blinde vlek voor bi+-personen, grootste groep binnen lhbti+-gemeenschap

21-09-2022 10:58 | 2 maanden geleden Binnenland
Charlot Pierik

Dit is een expertquote via ANP Expert Support
Movisie
Aanleiding: Bi+ Dag ter gelegenheid van Bi Visibility Day | ANP

Bi+-mensen hebben een slechtere psychische en fysieke gezondheid én veiligheidsbeleving dan heteroseksuele, homoseksuele en lesbische mensen, blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Met 1 miljoen bi+-mensen in Nederland zijn zij onder de lhbti+-paraplu de grootste groep. Toch zijn bi+-mensen in beleid, onderzoek en media nog vaak een blinde vlek.

Dit komt door het ‘uitwissen’ van bi+ ervaringen, omdat in de samenleving doorgaans sprake is van monoseksualiteit; de verwachting dat mensen op één gender vallen en dat alleen hetero óf homo/lesbische oriëntaties bestaan. Hierdoor worden bi+-oriëntaties ontkend, niet serieus genomen en onzichtbaar gehouden. Ook ervaren bi+-mensen vaker een gebrek aan steun van hun eigen partner.

Bi+-personen hebben meer psychische gezondheidsproblemen en ervaren meer negatieve reacties en fysiek, verbaal en huiselijk geweld. Bi+-personen ervaren een dubbele minderheidsstress; ze ervaren afwijzingen omdat ze niet voldoen aan de heteroseksuele norm én omdat ze niet voldoen aan de monoseksuele norm.

Vaak wordt gedacht dat inzet voor meer lhbti+-emancipatie ook vanzelfsprekend positieve impact heeft voor bi+-mensen. Maar dat is lang niet altijd het geval. Het is nodig om bi+-personen en thema’s expliciet zichtbaar te maken, erkennen, aandacht en ruimte te geven. Ook het verminderen van de monoseksuele norm en bi+-fobie is nodig om deze blinde vlek zichtbaar te maken.

In de speciale handreiking ’10 vragen over bi+’ die vandaag is verschenen, geven Movisie en Bi+ Nederland antwoord op prangende vragen als waarom aandacht voor bi+-mensen nodig is, wat gemeenten kunnen doen voor bi+-mensen en wat werkt om bi+ inclusie te bevorderen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de expert op dit onderwerp Charlot Pierik, of met communicatieadviseur Danny Nomden via d.nomden@movisie.nl.
Dit is een expertquote van een deelnemer van de dienst ANP Expert Support. De ANP-redactie is niet verantwoordelijk voor deze quote. Zie anp.nl/experts
Movisie
plaats:
Utrecht
website:
https://www.movisie.nl/publicatie/10-vragen-over-bi

Andere quotes van deze organisatie

Preventie seksueel geweld juist ook in het belang van plegers

Op 25 november start Orange the World, de wereldwijde campagne tegen geweld tegen vrouwen en meisjes. In 2022 is het thema van de campagne in Nederland preventie. Bij preventie van seksueel geweld is voorlichting over wat de norm is als het gaat om seksueel gedrag cruciaal, juist ook aan jongens en mannen. 

Tieners maken vaak seksueel geweld mee en zijn daarnaast vaak opnieuw slachtoffer van een delict. Dat blijkt uit onderzoek van de Slachtoffermonitor seksueel geweld tegen kinderen. Het nieuwe wetsvoorstel seksuele misdrijven, waarin gelijkwaardigheid, vrijwilligheid en wederzijdse instemming centraal staan, moet bijdragen aan de bescherming van slachtoffers. Om deze wet ook een preventieve werking te laten hebben moeten we op een andere manier naar seksualiteit kijken en is voorlichting, juist ook aan jongens en mannen, cruciaal.

In eerder onderzoek van Movisie geven meiden aan dat ze niet het idee hebben dat jongens grenzen stellen. Meiden leggen de verantwoordelijkheid voor het aangeven van grenzen bij zichzelf. Echter: ook jongens leggen die verantwoordelijkheid bij meiden. Een grote groep jongens geeft daarnaast aan dat ze moeite hebben met het doorhebben van (subtiele) grenzen. Ze verwachten zelfs zéér expliciet gedrag van meiden, zoals slaan, schoppen.

Uit een onderzoek van Amnesty blijkt dat mannelijke en vrouwelijke studenten allebei de stelling onderschrijven dat seksuele penetratie zónder wederzijdse instemming altijd verkrachting is. Mannelijke studenten willen niet verkrachten, maar doen het, soms onbewust, toch. Om geweld te voorkomen, ligt de nadruk op het aangeven van grenzen door één partij.

En juist dat hardnekkige misverstand wordt in de nieuwe wetgeving aangepakt. Het gaat niet meer over het aangeven van grenzen. Het gaat over ieders eigen verantwoordelijkheid om je te verzekeren of er toestemming, vrijwilligheid en gelijkwaardigheid is. Om daadwerkelijk iets te doen aan preventie is het nodig dat we iedereen leren kijken naar deze verantwoordelijkheid. Geef daarom iedereen, maar zeker ook jongens en mannen, hierover voorlichting. Voorkom dat ze (onbewust) pleger worden, leer ze eigen verantwoordelijkheid pakken.

4 dagen geleden

Preventie seksueel geweld ook in het belang van plegers

Tieners maken vaak seksueel geweld mee en zijn daarnaast vaak opnieuw slachtoffer van een delict. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van de Slachtoffermonitor seksueel geweld tegen kinderen. Het nieuwe wetsvoorstel seksuele misdrijven, waarin gelijkwaardigheid, vrijwilligheid en wederzijdse instemming centraal staan, moet bijdragen aan de bescherming van slachtoffers. Om deze wet ook een preventieve werking te laten hebben moeten we op een andere manier naar seksualiteit kijken en is voorlichting, juist ook aan jongens en mannen, cruciaal.

Uit onderzoek van de Nationaal Rapporteur blijkt dat jongeren en pubers extra kwetsbaar zijn voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. De Nationaal Rapporteur beveelt daarom de overheid aan te investeren in preventie, oftewel het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Voorlichting over wat de norm is als het gaat om seksueel gedrag is niet alleen noodzakelijk voor slachtoffers, maar ook in het belang van plegers. 

In deze voorlichting moeten de uitgangspunten van het nieuwe wetsvoorstel seksuele misdrijven centraal staan. Het gaat dan om gelijkwaardigheid, vrijwilligheid en wederzijdse instemming. Dwang, geweld en bedreiging zijn in de nieuwe wet niet langer een vereiste voor een veroordeling. De nieuwe wet beschermt hiermee beter slachtoffers en sluit beter aan op de realiteit.

In onderzoek van Movisie geven meiden aan dat ze niet het idee hebben dat jongens grenzen stellen. Meiden leggen de verantwoordelijkheid voor het aangeven van grenzen bij zichzelf. Echter: ook jongens leggen die verantwoordelijkheid bij meiden. Een grote groep jongens geeft daarnaast aan dat ze moeite hebben met het doorhebben van (subtiele) grenzen. Ze verwachten zelfs zéér expliciet gedrag van meiden, zoals slaan, schoppen. Uit een onderzoek van Amnesty blijkt dat mannelijke en vrouwelijke studenten allebei de stelling onderschrijven dat seksuele penetratie zónder wederzijdse instemming altijd verkrachting is. Mannelijke studenten willen niet verkrachten, maar doen het, soms onbewust, toch. Om geweld te voorkomen ligt de nadruk op het aangeven van grenzen door één partij.

En juist dat hardnekkige misverstand wordt in de nieuwe wetgeving aangepakt. Het gaat niet meer over het aangeven van grenzen. Het gaat over ieders eigen verantwoordelijkheid om je te verzekeren of er toestemming, vrijwilligheid en gelijkwaardigheid is. Om daadwerkelijk iets te doen aan preventie is het nodig dat we iedereen leren kijken naar deze verantwoordelijkheid. Geef daarom iedereen, maar zeker ook jongens en mannen, hierover voorlichting. Voorkom dat ze (onbewust) pleger worden, leer ze eigen verantwoordelijkheid pakken.

2 weken geleden

Nationaal Schoolontbijt voor kinderen in armoede is symptoombestrijding

Het Nationaal Schoolontbijt wil alle basisschoolkinderen die dat nodig hebben het hele jaar door ontbijt aanbieden. Het is natuurlijk mooi om iets te doen aan armoede, maar met dit initiatief wordt de oorzaak niet aangepakt. 

Het is afschuwelijk dat armoede in Nederland enorm toeneemt, en dat kinderen zonder ontbijt naar school gaan. Het is ontzettend belangrijk om daar iets aan te doen en op dit initiatief is niks af te dingen. Maar dit lost het armoedeprobleem niet op. 

Het Nationale Schoolontbijt valt in hetzelfde rijtje als de aanpak voor menstruatiearmoede, energiearmoede, vervoersarmoede en inflatiearmoede. Allemaal andere benamingen die voortkomen uit het probleem armoede. 

Daarom moet armoede systematisch en duurzaam aangepakt worden. Zo kunnen ouders weer ontbijt voor hun kinderen kopen, hebben mensen geld om met vervoer naar werk te gaan zodat ze hun baan niet verliezen, of menstruatieproducten kopen, en gewoon de verwarming aanzetten en warm douchen. 

Te veel Nederlanders hebben geen buffers om tegenvallers op te vangen. Onverwachte kosten leiden dan al snel tot financiële stress en betalingsproblemen. Ad hoc maatregelen zullen daardoor steeds minder voldoen. 

Die structurele aanpak is ook hard nodig om te voorkomen dat er bij elke (economische) tegenvaller weer een armoedefenomeen opduikt. Denk bijvoorbeeld aan smartphone-armoede of rollatorarmoede. 

De eerste stappen om armoede structureel te bestrijden worden gezet, maar zijn nog niet toereikend. Zeker niet voor degenen die voor alle crises al moeite hadden om het hoofd boven water te houden. Met alle pleisters die nu geplakt worden zakken deze mensen misschien minder diep, maar ze zijn al jaren door het ijs gezakt.

3 weken geleden

Discriminatie tegengaan kan niet van buitenaf opgelegd worden

Burgemeester Halsema gaat op 3 november in de Stopera met Amsterdamse gemeenteraadsleden in debat over haar plan om moskeeën een steunverklaring voor de lhbti-gemeenschap te laten tekenen. De ervaring van Movisie is dat, wil je discriminatie van lhbti-personen tegengaan je dit niet van buitenaf kunt opleggen. En dat je er niet bent met een met de mond beleden verklaring. Verandering werkt het best als dit (ook) ‘van binnenuit’ plaatsvindt, op een manier en in een tempo dat aansluit bij de groep.

Vanuit de Alliantie Verandering van Binnenuit werken we aan gendergelijkheid en de acceptatie van lhbti-personen in de diverse gesloten culturele gemeenschappen. Onze partnerorganisaties zetten gespreksleiders in om in dialoog met de mensen een normverandering op gang te brengen. De gemeenschap moeten zich kunnen inleven in wat een lhbti-persoon meemaakt aan discriminatie, wat dat voor gevolgen heeft en hoe belangrijk steun vanuit de eigen familie en gemeenschap is. 

Dat begrip krijg je sneller als je samen stilstaat bij wat je zelf aan discriminatie meemaakt. De dagelijkse realiteit van alle deelnemers aan de meer dan 700 dialoogbijeenkomsten die de Alliantie in de afgelopen jaren organiseerde is namelijk dat zijzelf discriminatie ervaren, als moslim, als migrant of vluchteling, of als (klein)kind van een migrant of vluchteling. Stilstaan bij deze ervaringen, erkenning geven en stilstaan bij wat dit met je doet, met je familie, je gemeenschap, dat opent de harten en gedachten om ook aan acceptatie van lhbti-personen te werken.

Als de omstanders via deze weg empathie begrip krijgen en zich kunnen inleven, dan verandert er iets, helemaal als zij ervaren hoe ook anderen, zeker diegene met aanzien, in hun gemeenschap positief denken over lhbti. Deze ervaringen en inzichten kunnen we onderbouwen met wetenschappelijke kennis. 

Het idee van de moskeebesturen om evenementen in de verschillende stadsdelen te organiseren en om het thema te verbreden naar discriminatie breed is wat ons betreft een heel goed idee. De gemeente zou dat moeten omarmen, want dit kan een goede en meer duurzame verandering op gang brengen dan (alleen) het opstellen en ondertekenen van een verklaring door moskeebesturen en andere kerkelijke organisaties. 

3 weken geleden

Aanpak racisme in de zorg is hard nodig

Sommige zorgmedewerkers zeggen hun vaste baan op wegens racisme, stelt onderzoeker Saskia Duijs in het NRC. De reden daarvan blijft onderbelicht. Racisme wordt niet altijd erkend, of zelfs ontkend, door witte leidinggevenden. Helaas komt deze uitkomst niet als een verrassing.

Een patiënt die niet door jou aangeraakt wil worden vanwege je huidskleur. Een cliënt die je deskundigheid in twijfel trekt omdat je een hoofddoek draagt. Hoe ga je als zorgverlener om met discriminatie en vooroordelen? En wat kunnen leidinggevenden doen om het racisme aan te pakken?

Helaas komen de resultaten van het onderzoek van Duijs niet als een verrassing. Eerder deden we vanuit Kennisplatform Inclusief Samenleven onderzoek naar racisme dat zorgmedewerkers ervaren vanuit cliënten. Dat bleek niet mis. Zo wordt de deskundigheid van medewerkers in twijfel getrokken en als cliënten of patiënten zich openlijk racistisch gedragen dan is er vaak niemand die er iets van zegt. Dat is zeer pijnlijk. Een stevige aanpak van racisme in de zorg is hard nodig. Tot nu toe gebeurt er nog weinig op dit vlak.

Ik verwacht dat het nodig is dat zorginstellingen protocollen en beleid gaan ontwikkelen tegen racisme. Een onderdeel daarvan moet zijn dat er duidelijke normen zijn tegen racisme. Uit onderzoek blijkt namelijk dat mensen minder discrimineren wanneer ze merken dat dit niet de norm is. Ook is het van belang dat de aanpak van racisme onderdeel wordt van de competenties van leidinggevenden in de zorg. Ze moeten racisme kunnen herkennen en erkennen en kunnen ingrijpen.

Bij de werving van nieuwe leidinggevenden is het aan te raden om deze anti-racisme-competenties mee te nemen. Uiteraard moeten ook medewerkers getraind worden. Kansrijk zijn bijvoorbeeld bystander-trainingen waarin teamleden oefenen met reageren op racistisch of anderzijds discriminerend gedrag. Tot slot moet het thema verankerd worden in de opleidingen van zorgmedewerkers. In het bijzonder van degene die opgeleid worden tot een meer leidinggevende rol.

1 maand geleden

Gemeenten medeverantwoordelijk voor sociale veiligheid sportclubs

De NOS berichtte in Studio Sport dat NOC*NSF mogelijk financiële consequenties gaat verbinden aan het sociale veiligheidsbeleid van sportbonden. Als zij onvoldoende doen, kan hun topsport budget worden gekort. Uit de berichtgeving blijkt echter dat het overgrote deel van de meldingen over grensoverschrijdend gedrag, die binnenkomen bij het Centrum Veilige Sport, gaan om de breedtesport. En die wordt niet gefinancierd door NOC*NSF, maar door contributies en subsidies van gemeenten. Voor een financiële prikkel voor de breedtesport zijn gemeenten dus aan zet. Kennisinstituut Movisie raadt gemeenten aan zo’n prikkel te geven, maar ook voldoende ondersteuning te bieden voor het invoeren van instrumenten en beleid rond grensoverschrijdend gedrag. 

Topsport- en breedtesportorganisaties hebben beiden kwetsbaarheden voor grensoverschrijdend gedrag, maar ze zijn niet hetzelfde en vragen om een aparte aanpak. Misbruik in de topsport gedijt bij het grote verschil aan macht tussen trainers en coaches en de sporters. Bovendien hebben topsporters geleerd alles over te hebben voor hun sport en hun grenzen te verleggen. Dat maakt hen kwetsbaar. In de breedtesport hebben clubs te maken met geld- en vrijwilligerstekort, waardoor deugdelijk aannamebeleid, maar ook professionele begeleiding en ondersteuning lastig te regelen is. Bovendien kent iedereen elkaar, waardoor het risicovol is om iets aan te kaarten. Als een melding niet zorgvuldig wordt behandeld, kan de inhoud zo maar op straat liggen en je kinderen of familie in een onmogelijke positie brengen.

Clubs in de breedtesport hebben niet alleen een financiële prikkel nodig, maar ook ondersteuning. Er leven ondanks alle inspanningen van onder meer het Centrum Veilige Sport nog steeds veel vragen. Over wat er nodig is, maar vooral ook hoe datgene ook daadwerkelijk in te voeren en te organiseren. Zo is een gedragscode invoeren nog wel te doen, maar hoe zorg je dat die ook wordt nagevolgd? Normstelling gaat niet alleen om het vaststellen van wat noodzakelijke afspraken zijn over gedrag, maar ook om gedrag juist te interpreteren en te bespreken.

In een handreiking voor gemeenten, die Movisie in januari dit jaar publiceerde, staan acht zaken centraal in lokaal sportbeleid: veiligheid en preventie voorop, ondersteun verenigingen, kennis en deskundigheidsbevordering als basis van beleid, extra aandacht voor een positief pedagogisch sportklimaat, oog voor handelingsverlegenheid en taboe, aandacht voor handhaving, procedures en regels, de rol van communicatie, offline en online, van beleid naar een actieplan.

1 maand geleden